Aantal biggen per zeug – meer MUDA?

DE INNOVATIE VAN HET PLOFVARKEN.

Zo begint een artikel op de website van Follow the Money (lees het hier) Weer een kreet erbij. Jij en ik weten dat we geen plofzeug willen maar hoe zit dat dan. Want in het artikel worden een aantal feiten genoemd, o.a. uit de Boerderij, die we niet kunnen afdoen als onzin. Zo neemt het aantal biggen per zeug al jaren toe. Meerdere bedrijven halen inmiddels de 30 biggen/zeug/jaar en Topigs zegt dat er nog veel in de pijplijn zit. Met andere woorden, het aantal biggen per zeug neemt de komende jaren nog verder toe. Op zich knap dat ze dit voor elkaar krijgen. Maar is het wel allemaal goud dat er blinkt. Is het wel in het voordeel van de varkensketen (fokker, vermeerderaar en vleesvarkenhouder) dat het aantal biggen nog verder toeneemt. Want met de toename van het aantal biggen per zeug neemt ook de sterfte voor spenen toe. En het geboortegewicht neemt af. Dat is een serieuzer probleem want een lager geboortegewicht heeft een positieve correlatie heeft met het slachtgewicht. Dat klinkt goed maar is het niet! Een positieve correlatie betekent namelijk dat beide gegevens zich in dezelfde richting bewegen. Dus als het geboortegewicht lager wordt dan wordt het slachtgewicht ook lager (bij een gelijkblijvend aantal dagen).

gebgewicht tov slachtgewicht

 

Een dier met laag geboortegewicht naar het gewenste slachtgewicht krijgen duurt dus langer dan bij dieren met een hoog geboortegewicht. Meer dagen in de stal betekent meer voer, minder dieren per varkensplaats, meer mest, hoger risico.  De MUDA neemt toe!

Richting = MUDA neemt toe

Waarom volgt de varkenssector een richting die voor een aanzienlijke toename van de verkwisting van resources zorgt. Die daarenboven zorgt voor kreten als “plofzeug”, in ieder geval creëer je zo als sector niet echt een beter beeld bij de gemiddelde burger. Kan het zijn dat de fokkerij hoofdzakelijk oog heeft voor wat er technisch mogelijk is. Dat zie je wel vaker bij “techneuten”, iets maken wat technisch fantastisch is maar de buitenwereld zit er niet op te wachten. Daarnaast speelt er waarschijnlijk nog een andere kracht, de kracht van het geld. Die is niet altijd gerelateerd aan allerlei morele gronden maar is vaak wel een hele sterke, overtuigende kracht. Elk extra geboren big verhoogt namelijk de kans op een extra 50 -60 euro (of wat de prijs op dat moment ook is) voor de vermeerderaar. Zolang de vermeerderaar niet wordt afgerekend op goed groeiende biggen maar gewoon op het geleverde aantal, zal de vermeerderaar dus bij voorkeur zeugen willen inzetten die veel biggen werpen. Want zo verhoogt hij zijn kans op een goed rendement. Dat kun je hem moeilijk kwalijk nemen. Maar het valt te bezien of dit in het belang van de keten is.

Richting = MUDA neemt af

Ieder bedrijf moet streven naar een goed rendement. Iedere varkenshouder weet dat zijn huidige rendement nog wel wat beter kan onder de huidige omstandigheden. In het verleden betekende rendementsverbetering hoofdzakelijk schaalvergroting.  Met andere woorden door met name de vaste kosten drastisch te verlagen daalt de kostprijs per dier en verbetert je rendement (of brengt het weer op peil) Maar ook die methode kent haar grenzen. Zowel op technisch gebied, nog groter kan betekenen afscheid nemen van het model “familiebedrijf”, maar ook maatschappelijke problemen, “geen megastallen in onze gemeente!”

Als je echter eens goed kijkt naar de varkenssector dan kun je niet anders dan constateren dat veel zaken nog verbeterd kunnen worden. En dan doel ik niet op het vakmanschap, de voer kwaliteit, de algemene gezondheidstoestand enzovoort. Dan doel ik op de wijze waarop we onze resources, de grondstoffen gebruiken. Het is niet meer van deze tijd om meer biggen per zeug te willen wetende dat dit een lagere groei en meer sterfte tot gevolg heeft. Of om de o zo belangrijke voederconversie uit te rekenen van varkens net geslacht zijn. Om dan vervolgens dit getal te gebruiken op het eerstvolgende koppel varkens wetende dat die in een ander seizoen zitten en compleet onvergelijkbaar zijn met het geslachte koppel. Of om biggen te kopen op aantal in plaats van biggen met een zekere groeipotentie. Als we dat als sector aan durven dan is nog voldoende ruimte voor een beter rendement zonder dat we een plofzeug krijgen. Dan ben je bezig de verkwisting binnen je bedrijf terug te dringen. Dat kun je helemaal zelf. Daar heb je geen Albert Heijn, Vion of zo voor nodig. Gewoon goed kijken naar je bedrijf waar grondstoffen weglekken (voer, sterfte, klimaat enz.). Ik weet zeker dat je verbaast zult zijn hoeveel mogelijkheden je daar nog hebt. Een heel belangrijk bijkomend voordeel is dat je dan ook een beter beeld uitstraalt naar de burgerij. Dus Are you a MUDAbuster of volg je the route to go bust?