Big data in de varkenshouderij

Erik Direks

Big Data, wat is dat eigenlijk?

Laat ik beginnen met een definitie. Die is er niet. De data kunnen van alles zijn als het maar digitaal is: video, audio, tekst, cijfers. Sommigen scharen alle data die niet meer op één pc passen onder Big Data. De wereld komt vol te hangen met sensoren – toegangspoorten, camera’s, telefoons, meetapparatuur – die continu registreren en data opslaan, die wij vervolgens weer kunnen gebruiken. De digitale wereld en de fysieke wereld worden steeds meer één lichaam en data is het bloed.

Wat wel overeenkomt in deze definities is dat Big Data een omvang van een verzameling data beschrijft. Dit jaar zou 600 miljard gigabyte aan data door de leidingen van het internet gieren: netflix, het geklets op Twitter en Facebook. Wekelijks stroomt, volgens Cisco, een miljoen jaar aan videomateriaal over het net. Deeltjesversneller Large Hadron Collider produceert bijvoorbeeld één petabyte aan data per seconde (ongeveer 10.000 gigabyte) om dat ene ongrijpbare Higgs-boson, het god-deeltje, te vinden.

Maar steeds vaker hoor je dat Big Data geen omvang beschrijft, maar een ontwikkeling. Het bevat namelijk twee componenten. Allereerst de computertechnologie: de steeds geavanceerder hard- en software die het mogelijk maakt meer data te verzamelen, te bewerken en te bewaren. Het tweede component is de statistiek die het mogelijk maakt om in een verzameling losse data betekenis te vinden.

Wat big data allemaal zichtbaar kan maken zie je in onderstaande video (klik op de link)

Data zichtbaar maken

Big Data en varkens

Varkens houden is in de basis eigenlijk een nauwkeurig samenspel van dier, mens, voer en (stal)klimaat. Daar kun je weer allerlei onderverdelingen in maken maar hier ligt de basis.

Ingrid Jansen, NVV, stelt terecht dat de varkenshouderij een hoogproductieve sector is. Hoog productief betekent vaak dat er smalle marges zijn, de massa moet het maken.  Smalle marges betekent goed meten want er is geen ruimte voor fouten. Als je nu naar de varkenshouderij kijkt dan is er op gebied van meten nog veel ruimte voor verbetering.

Weten

De meeste bedrijven weten al wel veel. Zo weten ze veel over de gebruikte genetica, kennen ze hun voersamenstelling en gebruiken een klimaatcomputer om het stalklimaat te beheersen. Maar in hoeverre worden deze gegevens gebruikt als meetpunten in het productieproces. Waar worden de afzonderlijk gegevens aan elkaar gekoppeld zodat er een beeld ontstaat die handvatten biedt om te sturen. Want alleen dan kun je wat met de verzamelde meetgegevens. Hoe vaak controleer je de meetgegevens van je klimaatcomputer zodat je tijdig kunt sturen. Hoe vaak meet je de gewichtstoename per dier en wat doe je als je afwijkingen ziet. Hoe geef je een langzamer groeiend dier een hoog-energetisch voer zodat hij op tijd geleverd kan worden. Wat is het geboortegewicht van je dieren eigenlijk. Dit gegeven zegt enorm veel over de productiecapaciteit (groei) van het dier. Maar er is bijna niemand die het vastlegt. Kortom er is nog heel veel data slecht of helemaal niet beschikbaar.

Meten is weten

Meten dus, heel veel meten. Manueel deze data verzamelen is vrijwel ondoenbaar. Arbeid is duur en maar in beperkte mate beschikbaar op een varkenshouderij. Daarnaast is handmatig meten foutgevoelig. Maar handmatig meten kan vaak worden voorkomen. De klimaatcomputer registreert al veel. Moderne voercomputers kunnen nauwkeurig perErik Direks afdeling/hok of zelfs voerbak doseren. Als je nu deze gegevens koppelt aan de groei (gewichten) die je met behulp van RFID verzameld dan ontstaat er al een vrij goed beeld van je productieproces. Een beeld dat actueel is, per afdeling/hok en handvatten geeft om te sturen.

Erik Direks – Het continu inzicht hebben in het gewichtsverloop was een eyeopener (bron Cockpit Vleesvarkens)